Nieuwtjes

Gatootje, Meneertje-koekenpeertje, blaren en klussen

Gatootje vreet ons bijna de oren van onze kop; veelal vreet hij ’s avonds wel tot 3 bakjes voer alleen op! Nu zetten we hem ietwat op rantsoen; 1 bak in de avond, mag hij ’s morgens ook nog een ½ oppeuzelen, dat moet meer dan genoeg zijn dunkt ons. Want hij ziet er bepaald niet mager uit, een reus is het. Nu hij ook overdag langskomt, hoop ik op iets meer toegankelijkheid. Maar het vergt vooral veel geduld. En brokjes…liefde gaat door de maag.

 

In de tuin zijn de plastic flessen, die hangen aan de fruitbomen, weer bijgevuld met vis en water. Vangt vliegen. Op strategische punten hangen daarnaast specifieke vallen voor de citrus-fruitvliegjes. De eerste partij olijven voor de inmaak liggen in een pekelbad; als ze over een paar weken voldoende ontbitterd zijn, kunnen ze ingemaakt worden met kruiden etc. Een leuk werkje, en vooral straks lekker. Ondertussen kleuren de olijven aan de bomen heel snel, het zou goed kunnen, dat we dit jaar 1 maand eerder gaan oogsten/olie maken.

 

Zaterdag gingen we wandelen. Omdat de oorspronkelijke mijn niet meer toegankelijk is (er wordt niks meer gedaan – een mekka voor mineralenverzamelaars - maar toch, er staan allemaal verbodsbordjes, en ik ben braaf….)kiezen we voor een pad erlangs. Want ook daar valt – als je goed weet te kijken, nog veel fraais te liggen. Op een ons bekende plek heeft Joost ook weer cuarzo azul kunnen vinden – zeldzaam, die blauwe kwarts,maar prachtig. Enfin, moeten we nog eens terug…met beitel en hamer. De stenen in de rugzak bleken door de steun in het ruggedeelte nauwelijks gewicht te hebben. Totdat we de rugzak uitdeden - Joost corrigeert me fijntjes ''afdeden heet dat''. Hoe dan ook, het was zwaaaaar. 

 

Enne…voor de 3e keer nu de bergschoenen aan en geen blaren! Altijd heb ik gedoe met blaren, alleen met de ooit echt Zwitserse bergschoenen ging het, maar die raakten versleten. Sindsdien heb ik meestal al binnen een ½ uur blaren. Nu niet. Het geheim? Toevalligheid; want de afgelopen 3 keren zonder blaren had ik steeds sokken met antislipnopjes aan. Niet glijden = geen wrijving = geen blaren!? Als het de volgende keer weer goed gaat, weet ik het zeker. Maar bovendien is het heerlijk, om niet voor elke wandeling ‘’gestraft’’ te worden met een week lang blaren…Het weer is met 20 -  24 graden/minder felle zon aangenaam om erop uit te trekken; er staan nog vele uitstapjes, met auto en/of met onze ‘’benenwagen’’ op het programma. En dan niet alleen maar om fossielen of mineralen te zoeken; er zijn nog wat wandelroutes die ons door mooie berglandschappen voeren; prachtig om daar foto’s te maken en vooral om te genieten van zuivere lucht, rust en natuur.

 

En ja hoor, nadat de plantenbak nu omgetoverd is tot een prachtige stenen/mineralenbak is nu de bak naast de terrasdeur opzij aan de beurt. Afgebikt is hij. Joost gaat hem aansmeren, dan wordt hij gevuld met een enkel ‘’grasje’’ en wit grind plus mooie stenen. Een aanhangwagen vol wit grind (500 kg) kost maar 15,00. Over het oude grind hadden we deels al nieuw gestrooid, staat prachtig. De rest van de tuin ook dunnetjes overdoen; 2 aanhangwagens, schatten we. Werkje van niks samen met scheppen/leeggooien en verdelen. Dan gaat ook de bak voor het terras onderhanden genomen worden; cactussen blijven, evenals de money-tree, en de rest eruit. Stenen beeld erin, grind. Rust en ruimte willen we. Over een weekje is het wel klaar.

 

Meneertje Koekepeertje/Roetmopje ligt tussen bloempotjes en 2 lammetjes in op het waterhuisje. Helaas, maar we geloven niet ‘’ik ben onschuldig als een lammetje’’, want het is een boefje. Maandag pakte hij Zwartje, toen die door het luikje naar buiten ging. Probeer hem dan maar te pakken. Maar wanneer mogelijk, corrigeren we direct. Ik weet, hij wil uitproberen of hij de baas kan worden van het spul, en Zwartje is helaas een goede sul, die geen zin heeft in gedoe. Dus Joost en ik moeten het weer opknappen. Valt nog niet mee maar ik hou vol. En als hij dan weer zo zijdezacht ligt te knorren onder de handen, dan smelt je toch weer, wat een droppie.

 

Heb je weer zo’n SEUR; een chauffeur, die liever op het terras in het dorp koffie wil drinken, dan het pakketje aan huis te bezorgen. Het adres zou onvindbaar zijn, ik moest maar naar het benzinestation. Zegt ie om 15.00 (het pakketje zou vanaf 1930 aangeleverd worden…). Onzin, zeg ik, hij komt het maar brengen, is heel simpel te vinden. Nou, als hij bij het benzinestation zou staan, zou hij nog eens bellen. U doet maar zeg ik, en hang op. Om 17.00 belt hij weer. En ja hoor, met mijn routebeschrijving is hij binnen een paar minuten bij ons. Hij had wel in de smiezen, dat hij mij niet kon piepelen. Maar goed, het boek van Salman Rushdie is binnen, en ik neem nog een uurtje siësta-slaap. Te vaak worden we ’s nachts vanwege katte poezel-gedonder in onze schoonheidsslaap gestoord, even bijslapen dus en fit weer verder.